Blozen

We hebben niets, behalve

een door en door prachtig moment.

My funny Valentine, zingt ze,

en je kijkt naar me terug,

alsof je al wist dat ik naar jou keek.

Liefde is verwarrend, ik weet het.

Een neurologische aandoening,

zonder remedie, behalve dan de overgave.

Ik kan er ook niets aan doen.

Buiten kriept de sneeuw

onder de laarzen van uitbundige wandelaars

met rode sjaals. Zwart-witte mutsen. Ik zie er drie.

Het klinkt cliché, maar ze is er, de volle maan.

Of nee, nét niet meer. Afnemend.

Een sneeuwman staat te wuiven. ‘Ik smelt!’ roept hij.

‘Ik ook…’

‘Wil je slowen op dit lied,’ vraag ik je met een knipoog.

Je schudt nee, zoals verwacht, en houdt je hoofd in je boek.

Hoe mooi had het geweest, te wiegen in dat licht

met sneeuw door het raam, The Wild Hunt in de lucht.

Smeltend tegen elkaar.

Ik hou van jou, my funny Valentine.

Ook al wil je niet dansen,

niet smelten,

niet zeggen dat jij ook van mij houdt

zoals ik van jou:

het is oké. Ik bloos toch al.

Een gedachte over “Blozen”

Plaats een reactie