Als we dit jaar op verlof willen, zullen we daar hard voor moeten sparen. Te beginnen met onszelf af te vragen welke imaginaire behoeften ons leven doorheen de jaren zijn binnen geslopen. En welke voorzorgsmaatregelen we kunnen treffen om de schaars gevulde geldbeurzen terug aan te spekken.
Vijflagig wc-papier is bijvoorbeeld écht geen must meer. Vijflagig gazettenpapier dan weer wél. Enkel opletten voor clandestiene aardappelschillen… Met het badwater wordt tegenwoordig ook de schotelwas gedaan en eventueel de vloer nog eens gedweild. Als je je washandjes als sloffen gebruikt, gaat het eens zo goed! En geef toe, zeep is zeep, dus Dreft will do. Zeker voor zij met vette haarwortels.
Bus en tram laten we letterlijk aan ons voorbij gaan: laat de knieschijven maar lekker knakken en kraken! Misschien trekken we dan nog terug van de ziekteverzekering. En de digi-box kreeg ook al de bons: die lege uren tv-gapen worden vervangen door een romantische avondwandeling onder een gaanderij van lindebomen die naar het water leidt.
Erna, Christelle en Venus zijn ook van de partij. Hun logge lijven baden in het scheldewater terwijl hun rijke bewoners op het dek van dezelfde zonsondergang genieten als wij, arme sukkelaars, die op de kades met een goedkoop glas wijn discussiëren over gebrek aan luxe. Maar aan de hand van onze pic-nic wel moeten besluiten dat goedkope groenten even lekker smaken als dure… Onderweg naar huis ontmoeten we de buren en trakteert de crèmekar op een bescheiden dessert dat de slanke lijn alleen maar ten goede komt. Besparen is best fijn. In zekere zin word je er een beetje ‘rijker’ van. En dat reizen hoeft misschien ook niet meer. ’t Is hier ook schoon, op Meulestee!
Genoeg gezwangerd!
Lieve vriendinnen,
Kunnen jullie misschien heel even stoppen met zwanger worden alstublieft? Ik kan de boel mentaal niet langer aan! Niet alleen voel ik me onder druk gezet, maar ben me ook bewust van het feit dat jullie me binnenkort niet meer zullen uitnodigen op feestjes omdat die eigenlijk grotendeels voor ‘de klein mannen’ worden georganiseerd. En ik ken dat, na lang aandringen kom ik dan tóch opdagen maar word ik zonder twijfel aan dat zielige tafeltje apart gezet bij de andere ‘kinderlozen’.
Probeer de verwaarloosde vriendschap dan maar vooral niet te compenseren door me jullie schreeuwende spruit ongewild in de armen te duwen of me te vragen om “eens te ruiken of hij gekakt heeft”. Moet dát een band scheppen?! Hebben we bij elkaar toch ook nooit gedaan?
Bovendien ben ik ten einde raad wat betreft de babycadeaus. Dan koop je eens twee dure rompertjes in maatje 50 (what do I know), zetten jullie zo’n dikkerdje van 5 kilo op de wereld! Maar het maakt niet uit: fopspenen, beertjes, badlakentjes, etc. Het kost allemaal handen vol geld! Een kind kost je een huis, maar júllie kinderen kosten mij mínstens die coole vintage camper die ik plande te kopen op m’n vijftigste!
En wat is dat toch met die pamperrekening? Hoeveel pampers denken jullie nodig te hebben?! Als mensen aan dat tempo geld blijven storten, kan jullie kind pampers blijven kopen tot ze oud en seniel genoeg is om ze terug nodig te hebben. Buiten mij gerekend!
Ik kijk trouwens nu al weer op tegen de auditieve martelingen die ik weer zal moeten ondergaan bij dat eerste babybezoek. Jullie zijn gewaarschuwd op voorhand: gelieve de woorden “opengescheurd”, “knip” en “naaien” niet (meer) in de mond te nemen. Heb genoeg van al die letterlijke loslippigheid! Als jullie zo door gaan zal ik degene zijn die eens “een beetje terug geeft” na de maaltijd.
Om nog maar te zwijgen van al die babyspam die m’n facebookwall weer zal overspoelen… Man, jullie hebben er écht geen idee van met wat voor narigheden jullie me bestoken! Maar ik stel voor dat jullie het goed maken door nog eens met mij op stap te gaan zoals in ‘the good ol’ days’. En geen gezeur over afgehaakte babysitters en zieke schoonmoeders, de gezinsbond is al op de hoogte 😉
Paul
Iedere keer meen ik je te zien staan op een hoek, aan een bushalte of voor een winkelraam. Maar dan verklapt mijn geheugen me weer dat je nu al bijna een jaar dood bent. En toch… Als ik over het pleintje met de bomen fiets of afstap van bus 3, zie ik jou weer, Paul, jij verwaaide krullenbol. Dan zie ik je weer zitten onder die ene esp, op terras van een Turks café. Na de laatste slok troost hijs je je lijf, moe en zwaar, uit de rieten tuinstoel en sjouw je terug die plastic zak miserie over je schouder mee; gevuld met glazen boterhammen en een goedkoop diner dat je kocht met statiegeld. En dan verdwijn je weer, sloom en gelaten, in een van de straten van m’n jeugd, kijkt nog eens knipogend achterom met een blik zonder goesting. De weinige tanden die je nog bezit blinken dan even in die diezelfde cynische glimlach die ook míjn mond soms omkadert en smaalt om de grauwe gekheid van een bitter leven. Weg.
Ach, waar zijn onze gesprekken gebleven over het Antwerps dialect en schunnige ridderromans, over oude liefdes en jonge wijn? Wiens temperament moet ik nu benijden, wie zal mij nog doen lachen om de frustraties over ‘paljassen’ op de tram? Ja, ik lachte vaak om je rauwe verwensingen en je grijze haren die meer wijsheid uitstraalden dan je misschien wel bezat.
Nog een laatste keer fluister ik je stilletjes toe dat je een mooie man was. Groot, gracieus en donker in alle opzichten. Jij vergat de mensen die lachten met wat voor een gedrocht je soms kon zijn. Of op z’n minst geworden was … De ironie zit ‘m echter in het feit dat zij jóu nu niet zullen vergeten. Schaamte valt namelijk moeilijk uit te drukken tegenover een dode man.
Je was een fijne kerel, Paul. Ik mis je vaak, als ik over het pleintje met de bomen fiets of afstap van bus 3 … en met een laatste kus of handgebaar een herinnering aan jou begroet.
(Voor mijn goede vriend, Paul Piedford)
Radio Haha
Ondanks het feit dat de radiopresentatoren bezopen waren, de hapjes reeds allemaal waren opgeboeft en ze mij eigenlijk gewoon waren vergeten, was mijn interview op Urgent toch een succes! Na het openingszinnetje: “wat doet u hier eigenlijk?” voelde ik me meteen op mijn gemak. En het interview heeft maar liefst drie volle minuten geduurd! Ik ben nu officieel een BM’er (bekende Muidenares) en dan vooral in café “De Scoobidoo” aan de spoorweg waar ik na afloop de zenuwen heb weggespoeld met een lauw biertje! Bedankt aan André, een trouwe Gekheid-fan, om mij een hart (en een cavaillon-meloen) onder de riem te komen steken!
La Veneziana
Paris-Roubaix
De meeste toeschouwers hadden zich al uren voor aanvang geïnstalleerd in wankele, gestreepte klapstoelen, geflankeerd door blikjes bier in een opblaasbaar zwembadje. Het was goed vertoeven in de lommer van de crèmekar, die zich zeer tactisch had opgesteld op deze warme lentedag: de ‘boekskes’ en frisco’s vlogen naar buiten. Maar wij hadden ook een frigobox met ‘lekkers’ voorzien! Het was nog in de tijd dat een broodje ‘club’ dezelfde populariteit genoot als Eddy Planckaert. Dat zegt volgens mij genoeg. Alle activiteit werd gestaakt toen het volume van het latente geroezemoes omhoog rees en het nasale stemgeluid van de presentator uit de luidsprekers knalde. Daar waren ze dan! De jubelstemming van de omstaanders was aanstekelijk: “Allez Richard! Alleeeeez!”
En wij joelden luidkeels mee, zonder Richard te kennen. Het deed er niet toe. We klapten wild in de handen ter aanmoediging van al die jonge, gebruinde wielrennersbenen die in de hoge middagzon blonken als bronzen beelden. Het peloton zoemde voorbij als een zwerm naarstige werkbijen, terwijl golven van emotionele “aaaaah’s” en “oooooh’s” opklonken vanuit de fanclub die zich door middel van échte coureursklakskes onderscheidde van het gewone volk. Er werd met Sparta pils geklonken op de Spartaanse prestaties van de ‘anciens’, waar bovendien druk op werd ingezet met sigaretten en trappist. Tot slot volgde een sprint die menig Vlaamse tikker deed overslaan. Tevergeefs, want dat jaar overwon een jonge Fransman de ‘hel van het Noorden’.
Ondanks de storing die om de haverklap het reuzenscherm op de binnenplaats van de parochiekring teisterde, leek het toch alsof we er écht bij waren! Heerlijk. Paris- Roubaix, zoveel meer dan een wielerklassieker!
Jarig
Een ochtend op het Gents platteland: ik vier mijn geboorte met die van de natuur.
De lange wintermaanden hebben de bomen langs de beek in hun blootje gezet. Maar de eerste wilgenkatjes tooien al hun takken, alsof het gelakte vingernagels waren. Op die takken wippen kleine, bonte vogeltjes. Letterlijk. In de lage heesters zie je daarom al de eerste nesten verschijnen; knusse coconnetjes van twijgen, dons en plastiek. Geen plek waar je beter huizen kan, als je ’t een koolmees vraagt.
Tussen drab, drek en dauw neem ik plaats op een scheefgezakt bankje dat werd getagd door een zekere Milow; een groene jongen uit de buurt die er z’n lege bierblikjes is vergeten. Hopelijk klonk ie op mijn gezondheid … In een heksenkring van sigarettenpeuken geniet ik van de kleuren van een Vlaams boerenschilderij. Voor mij strekt zich het wakke weiland uit, dat me trakteert op het eerste, frisse lentegroen en een kushandje van de groendienst.
Tussen de voorgevels van mollen, die gestaag ontwaken uit hun winterslaap, blinken spiegels van plassen. “Ben ik mooi?” vraagt moeder natuur. Ik knik en sluit de ogen. Zie nog slechts het komen en gaan van haar meest vooraanstaande vertegenwoordiger, het licht, dat met intervallen van enkele gelukzalige seconden van warmte door donkere wolken wordt onderbroken. Tussen gedachten door weerklinkt het kleutergekrijs van een spannend spel ‘tikkertje’, het zenuwachtige gegak van moeder gans die geen oud brood wil delen en het zacht geraas van de onzichtbare autostrade.
Ik zucht, om een onzeker en breekbaar geluk. Moeilijke tijden, denk ik even. Uit mijn mond kringen ringen waterdamp. Samen met de vele verjaardagswensen, vroeg men me er een leuke dag van te maken. Tijd dus voor een scheut levenswater en een babbel in een buurtcafé. Daarna op de tram richting arbeid. Deze zomer kom ik nog wel eens terug, als ik meer tijd heb, fluister ik de jonge lente toe…
Holy hobby!
Holy hobby!
Ons hele huis is in feite een beetje ‘zolder’: in alle hoeken en gaten liggen namelijk de mistroostige restanten van gefaalde hobby’s en de gebroken scherven van verloren gegane passies. Zoals bij velen zijn die ontsproten in de kindertijd toen de ouders nog ieder zelfgemaakt kunstwerkje mooi en uniek vonden. Dat misplaatste gevoel van artistiek talent resulteerde in mijn geval dan later in een reeks buitenproportionele portretten en vergezochte ‘abstracties’ die ik bij gebrek aan beter dan maar onder de noemer ‘hedendaagse kunst’ heb geklasseerd.
Na deze korte carrière als kladschilder volgde een lessenreeks boetseren, met een nieuwe serie misbaksels tot gevolg. Het jaar daarop werd die collectie ondingen verder uitgebreid met gecrocheerde bloempothouders, onderleggers en uiltjes in macramé die voortvloeiden uit de cursus ‘hip handwerk’. Nogmaals sorry aan alle vrienden die deze een jaar lang cadeau hebben gekregen.
Een initiatieles volksdansen heeft op ook nog op de agenda gestaan! Spannender dan het klinkt, hoor. Ware het niet dat we ons iedere keer in zo’n zweterige boerenkiel en klompen moesten hijsen, had ik het misschien nog iets langer volgehouden. Mezelf dan maar wijsgemaakt dat in acteren de ware hartstocht schuilde. Tot op het moment dat ik erachter kwam dat je daarvoor goed tekst moet kunnen onthouden. Jammer …
Nadat ik er met andere woorden een creatief ratjetoe van had gemaakt, besloot ik me op een spectrum sportieve bezigheden te storten waardoor ik tegenwoordig vlot kan concurreren met de betere sportwinkel: rolschaatsen, kendo stokken, badmintonraketten en een judo pak, ik heb het ondertussen allemaal in de aanbieding (op Kapaza)!
Naast de ellenlange rijen classeurs met o.a. de cursus ‘hoeden maken’, ‘creatief met kurk’ en ‘Japans is geen Chinees’ vond ik overigens nog een onbevlekte koksvest, een nog ingepakte massagetafel, een gitaar en een naaimachine die van mij een succesvolle modeontwerpster moest maken…Zucht!
Neen, wie zijn tanden niet diep genoeg in de koek zet, zal er nooit wérkelijk de smaak van te pakken krijgen. Het enige wat ik uit al die lessen geleerd heb, is dat een breed interesseveld eigenlijk nergens goed voor is. Al die verwoede pogingen om boven de grijze massa uit te stijgen hebben me alleen maar handenvol geld en energie gekost. En dan te bedenken dat hetgeen ik eigenlijk altijd het beste heb gekund, ik gewoon gratis en voor niets kan doen: schrijven!
Bedrijvigheid
Een bedrijfsfeestje: je stapt een ruimte binnen waar kliekjes collega’s als samengetroepte flamingo’s het glas heffen op de alweer goed gevulde zakken van de CEO. Iedereen is in zijn nopjes want er wordt gratis cava geserveerd. Bovendien heeft iedereen zich in zijn mooiste pluimage gehesen om indruk te maken op knappe vrijgezellen-collega’s of om verfoeide conculega’s de loef af te steken. Maak je geen illusies: ook jouw verfomfaaide plunje valt ten prooi aan het kritische oog van de menigte. Het feit dat je die dag moest werken en niet hebt kunnen douchen, is niet van tel.
Eerst draai je een beetje onwennig in het rond, in de hoop dat een andere eenzaat je aanspreekt of tot bekende gezichten je vizier kruisen. In het beste geval word je dan aangesproken door iemand waarvan je de naam vergeten bent, en angstvallig wacht tot de eerste hint valt, om die te herinneren.
Wat je natuurlijk ook kan doen, is je naast het hapjes -en drankenbuffet installeren. Zo lijkt het tenminste of je met iets bezig bent. Let wel op! Na het vierde glas wijn zul je je misschien al iets zelfzekerder voelen maar laat je op dat moment niet verleiden door de opzwepende tonen van de dansmuziek en de zogezegde ‘dansvloer’ waarop je je lenigheid tentoon wilt spreiden. In werkelijkheid is het niet meer dan een muizenval, die je ten grabbel zal gooien aan vreselijke roddels en achterklap. Want iedereen weet dat er op personeelsfeestjes meer wordt gekonkeld dan in de Story en tv-Familie samen! Het zou niet de eerste keer zijn dat men een kudde kemels schiet op zo’n moment. Bovendien verkneukelt men zich in het feit dat jij weeral eens een dure vaas hebt gebroken, een dienblad met kristallen wijnglazen tegen de stenen liet kletsen of het zijden jurkje van de financieel directeur om zeep hielp. En denk goed na vooraleer je na dat vijfde glas wijn “een klapke” gaat gaan doen met “de patron” over je loon. Het is niks voor niks dat 45% van de werknemers de dag erna de zak krijgt …
Vaste opdracht
Heb ik mij dan toch in het keurslijf van de maatschappij geslagen?! Ik kan het haast niet geloven: een vast arbeidscontract, een vaste opdracht om de rekeningen te betalen en een vaste rentevoet op de monsterlening die we de komende twintig jaar zullen moeten aflossen voor een vaste woonplaats. Daarbovenop komt nog een vaste relatie, een vaste vriendenkliek en een vast levensritme met een vast uur om naar bed te gaan. En voor je het weet liggen er offertes voor gesnoeide buxussen op de salontafel!
Deze week zei iemand zelfs schaamteloos ‘mevrouw’ tegen me, en werden er zonder pardon anti- rimpelstaaltjes meegegeven bij de apotheker! Daarna belde de bank met een voorstel omtrent een levensverzekering, de CM met een vernieuwd ‘hospi-plan’ en nodigde Kind en Gezin me uit op de ‘info-avond voor toekomstige moeders’ en de demonstratie van hun babyproducten (in de hoop een kinderwens te kunnen forceren).
Alsof het nog niet erg genoeg was, mailde mijn moeder me de kleuren voor de toekomstige kleinkinderkamer door en polsten de vrienden op café naar de nog onbestaande huwelijksplannen. Er werd deze keer niet gesproken over nieuwe bandjes, concerten en toffe tentoonstellingen in Berlijn maar over de tarieven van een vals gebit, slim investeren in ‘khunst’, aandelen op de beurs en andere civiele onderwerpen die me de keel dichtknepen. Dan maar begonnen over het cholesterolgehalte van de borrelnootjes…
Ligt het aan mij, of had ik bij de apotheker ook beter een ‘puffertje’ gekocht? Want voor het eerst in mijn leven heb ik het gevoel dat ademen een doel op zich geworden is.